Regionale en demografische verschillen in de ziekte van Parkinson in Nederland
23 maart 2026 |
Geschreven door: Sabien van Neerven

Zaterdag 11 april 2026 is het Wereld Parkinson Dag. Op deze dag staan we stil bij mensen met de ziekte van Parkinson en hun naasten.

De meeste mensen denken bij Parkinson al snel aan een trillende hand of een been, de tremor die zo kenmerkend is voor de ziekte. Maar de ziekte van Parkinson kent vele gezichten (Parkinson-vereniging | Parkinson). Patiënten hebben vaak ook last van spierstijfheid, evenwichtsproblemen en zogenaamde bevriezingsverschijnselen tijdens het lopen, waarbij iemand plotseling niet meer verder kan en als aan de grond genageld blijft staan. Daarnaast zijn er cognitieve klachten: het verwerken van nieuwe informatie wordt moeilijker, het denken en handelen gaan langzamer en initiatief tonen kost meer moeite. De oorzaak ligt in het langzaam afsterven van zenuwcellen die dopamine aanmaken, waardoor de signaaldoorgifte in de hersenen verstoord raakt. Waarom die cellen afsterven, is nog niet volledig bekend.

Walking with walking stick in Amsterdam

Bewegen helpt

De afgelopen jaren is er steeds meer onderzoek gedaan naar leefstijlfactoren die het verloop van de ziekte kunnen beïnvloeden. Bewegen is er daar één van. Voor iedereen is dagelijks bewegen goed, maar voor mensen met Parkinson blijkt het extra waardevol: voldoende beweging kan de symptomen merkbaar verbeteren. Ook is er steeds meer aandacht voor onderzoek naar omgevingsfactoren zoals pesticiden en luchtvervuiling, omdat die factoren de ziekte mogelijk kunnen uitlokken. Dit zijn vaak complexe en langlopende studies, waar mensen een heel leven lang gevolgd moeten worden, en waarvan we nu de uitkomsten nog niet weten.

Bewegen hoeft overigens niet zwaar te zijn. Met Fietslabyrint kunnen mensen met Parkinson op hun eigen tempo virtuele fietstochten maken, vanuit de vertrouwde omgeving van thuis of een zorginstelling. Zo blijven ze in beweging op een manier die bij hen past.

Nieuw onderzoek: regionale verschillen in Nederland

Professor Bloem en zijn onderzoeksgroep zijn experts op het gebied van de ziekte van Parkinson. Vorige maand werd een studie van zijn groep, samen met onderzoekers van de Universiteit Utrecht (IRAS & Julius Centrum), gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift The Lancet (Simões Lancet Reg Health Eur. 2026). Het onderzoek brengt voor het eerst regionale verschillen in kaart in het aantal nieuwe gevallen van de ziekte van Parkinson in Nederland.

De onderzoekers koppelden gezondheidsgegevens aan demografische en sociaaleconomische data. Nieuwe diagnoses werden berekend op basis van overlijdensakten, medicijnvoorschriften, zorgverzekeringsclaims en ziekenhuisgegevens.

Wat laat het onderzoek zien?

Wanneer gecorrigeerd voor bevolkingsgroei, bleef het aantal nieuwe patiënten per jaar stabiel tussen 2017 en 2022. Dat het totale aantal mensen met Parkinson in Nederland wel toeneemt, komt doordat zij langer leven. Dat is een positieve ontwikkeling, die mede te danken is aan de betere en specialistischere zorg die beschikbaar is gekomen, onder andere via netwerken zoals ParkinsonNet.

Opvallend was ook dat er grote regionale verschillen zijn: in het noorden van Nederland werden meer nieuwe gevallen vastgesteld dan in het zuiden. Verder bleek het risico op de ziekte groter onder mannen en hoogopgeleiden, en neemt het risico toe met de leeftijd.

Wat zegt dit over vervuiling en pesticiden?

Een voor de hand liggende vraag is of gebieden met meer vervuiling of pesticiden ook meer nieuwe gevallen van Parkinson laten zien. Dat verband is in dit onderzoek niet duidelijk zichtbaar. De geografische spreiding van nieuwe diagnoses komt niet overeen met de verspreiding van bekende risicofactoren zoals luchtvervuiling of bepaalde vormen van landbouw.

De onderzoekers benadrukken dat dit niet betekent dat omgeving geen rol speelt. De ziekte van Parkinson ontstaat door een samenspel van factoren over een lange periode, soms tientallen jaren. Mensen verhuizen, hun leefomgeving verandert en hun persoonlijke blootstelling aan risicofactoren verschilt sterk. Bovendien wordt de diagnose vaak pas gesteld als er duidelijke klachten zijn, terwijl de ziekte al eerder is begonnen. Dit onderzoek keek naar groepen mensen en waar zij woonden op het moment van diagnose, niet naar individuele blootstelling gedurende hun hele leven. Om omgevingsfactoren goed te kunnen beoordelen, is vervolgonderzoek op individueel niveau nodig. Dat onderzoek loopt al, onder andere via het OBO2-programma (een samenwerking tussen Radboudumc en IRAS) en de studie PD-PEST.

Een belangrijk startpunt

Dit is het eerste grootschalige onderzoek in Nederland dat regionale verschillen in kaart brengt in het aantal nieuwe diagnoses van de ziekte van Parkinson. Het vormt daarmee een waardevol startpunt voor verder onderzoek naar de oorzaken achter die verschillen.

Deel dit artikel:
Schrijf je in

Blijf op de hoogte van alle vernieuwingen en ontwikkelingen met onze nieuwsbrief.

Schrijf je in

Blijf op de hoogte van alle vernieuwingen en ontwikkelingen met onze nieuwsbrief.

Binckhorstlaan 36
2516 BE Den Haag Nederland

sales@fietslabyrint.nl
070 737 1152
Nederland (NL)